De zomer van 2020 markeerde een fundamentele kentering in de manier waarop Nederlanders hun vakantie doorbrachten. Door de wereldwijde pandemie werd het traditionele reispatroon op zijn kop gezet. Waar jarenlang de voorkeur uitging naar verre bestemmingen met strak georganiseerde pakketreizen, dwong de situatie tot een radicaal andere aanpak. Het kabinet nam op 3 juni 2020 een historisch besluit: het versoepelen van het reisadvies voor een groot deel van Europa, wat de weg vrijmaakte voor herstel van het toerisme, maar onder strikte voorwaarde van veiligheid. De kern van deze periode was het verschuiven van het 'oranje' advies, dat alleen noodzakelijk reizen toestond, naar 'geel', wat niet-noodzakelijke reizen mogelijk maakte mits men rekening hield met risico's. Deze verschuiving, gepland voor 15 juni, betekende dat de grenzen van ongeveer 28 Europese landen voor Nederlandse vakantiegangers werden geopend, mits het coronavirus in die landen onder controle was.
De dynamiek van deze zomer was uniek omdat de regels dagelijks konden veranderen. Het was cruciaal dat reizigers continu op de hoogte bleven van de actuele situatie via de Reisapp van het Ministerie van Buitenlandse Zaken of via gespecialiseerde bronnen zoals de ANWB Reiswijzer. De ANWB leverde hierbij een cruciale dienst door niet alleen de officiële adviezen van het ministerie te volgen, maar ook specifieke informatie te geven over regels in het land van bestemming, zoals eisen aan accommodaties, horeca en bezienswaardigheden. Hoewel het ministerie landen soms als 'dicht' aanduidde omdat reizen er nog niet naar toegestaan was, gaf de ANWB extra context over wat een reiziger te wachten stond zodra de grenzen opengingen.
Een van de meest significante verschuivingen was de keuze voor bestemmingen. Terwijl Spanje en andere traditionele zonnige bestemmingen in 2019 populair waren, keerde de stroom in 2020 terug naar Europa, met name naar buurlanden. Duitse bestemmingen kenden een enorme toename in Nederlandse bezoekers. Dit verschijnsel had een directe impact op de bestedingspatronen. De kostenstructuur van een vakantieganger veranderde radicaal. In het buitenland was de besteding aan horeca vrijwel nihil geworden, terwijl de accommodatiekosten nauwelijks waren veranderd ten opzichte van 2019. Dit impliceerde dat reizigers zelfverantwoordelijk werden voor hun eten en drinken, wat leidde tot een verschuiving naar 'self-catering' en het vermijden van drukke plekken.
De Kleurcode van het Reisadvies en de Versoepeling van 15 Juni
De basis van het reizen in de zomer van 2020 rustte op een kleurcode die door het Ministerie van Buitenlandse Zaken werd ingezet om de risico's visueel te communiceren. Tot en met 14 juni gold voor een groot deel van Europa de 'oranje' kleurcode. Dit advies betoogde dat niet-noodzakelijke reizen werden afgeraden. Een reis naar een land met een oranje advies kon wel worden uitgevoerd, maar dan volledig op eigen risico en zonder dekking van de reisverzekering. Dit betekende dat elke reiziger die zich toch naar een dergelijk land verplaatste, geen verzekering had bij ziekte, ongevallen of annulering.
Op 15 juni vond er een fundamentele verandering plaats. Voor ongeveer 28 Europese landen werd het advies aangepast van oranje naar geel. De kleur geel impliceerde dat reizen niet direct werd afgeraden, maar dat er wel veiligheidsrisico's aanwezig waren. Dit was geen groen licht zonder voorwaarden; het betekende dat de gezondheidsrisico's in deze landen vergelijkbaar waren met die in Nederland en dat Nederlandse toeristen er welkom waren. Het advies luidde: "Let op, veiligheidsrisico's". Reizigers moesten zich houden aan basisregels zoals afstand houden, handen wassen en niet deelnemen aan bijeenkomsten. De verwachting was dat deze versoepeling de weg vrijmaakte voor vakanties, rondreizen en stedentrips, zolang men alert bleef op de actuele situatie.
Niet alle landen maakten deel uit van deze versoepeling. Er bestond een specifieke uitzonderingslijst van landen waar het advies oranje bleef. Drie Europese landen stonden buiten de versoepeling: het Verenigd Koninkrijk (inclusief Schotland), Zweden en Denemarken. Voor het Verenigd Koninkrijk en Zweden gold dit omdat het coronavirus daar nog niet onder controle was, wat de risico's te hoog maakte voor een veilig verblijf. Voor Denemarken gold een andere reden: hoewel het virus daar onder controle was, had het land besloten tot 31 augustus geen Nederlandse toeristen toe te laten. Dit was een eenzijdige beslissing van het land zelf, die het reizen er naar onmogelijk maakte voor Nederlanders.
De dynamiek van de grenzen was even cruciaal als de kleurcode. Het was niet voldoende dat Nederland het advies versoepelde; het land van bestemming moest zijn grenzen openstellen en Nederlandse toeristen toelaten. Frankrijk en Spanje moesten op dat moment nog formeel beslissen of ze Nederlandse toeristen welkom zouden zijn. De situatie kon tijdens het verblijf nog veranderen, wat vereiste dat reizigers constant de informatiebronnen checkten. De interactieve wereldkaart van covidcontrols.co en de Reisapp van Buitenlandse Zaken bleken essentieel voor het bijhouden van het actuele aantal besmettingen en de lockdown-status van landen.
Kostenstructuur en Bestedingspatronen van de Nederlandse Vakantieganger
De economische impact van de coronacrisis op de Nederlandse toerist was significant en direct zichtbaar in de financiële cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). De data toonde een duidelijke verschuiving in hoe Nederlanders hun geld uitgaven tijdens hun reis. Voor vakanties binnen Nederland zag men een interessante trend: de gemiddelde kosten voor accommodatie stegen van 120 euro in 2019 naar 160 euro in 2020. Dit was een stijging van een kwart. De reden hiervoor lag waarschijnlijk in de vraag naar accommodaties die voldeden aan specifieke corona-maatregelen, of simpelweg in de keuze voor andere typen accommodaties dan normaal.
Aan de andere kant van de balans namen de kosten voor vervoer, horeca en overige uitgaven sterk af. In 2020 werden voor binnenlandse vakanties slechts 4 euro aan horeca uitgegeven, vergeleken met 40 euro in 2019. Dit was een daling van 90 procent. Ook de overige uitgaven, bestaande uit boodschappen en uitstapjes, daalden van 51 euro naar 8 euro. Dit duidt erop dat reizigers meer zelf kookten en minder naar restaurants of toeristische attracties gingen. De totale vervoerskosten daalden van 28 euro naar 17 euro, wat suggereerde dat men minder afstand aflegde of vaker de auto gebruikte in plaats van openbaar vervoer.
De situatie voor vakanties in het buitenland, specifiek binnen Europa, vertoonde een nog drastischer beeld. De accommodatiekosten bleven nagenoeg gelijk (366 euro in 2019 tegenover 364 euro in 2020), wat wijst op stabiele prijzen voor hotels en pensions. Echter, de vervoerskosten daalden van 283 euro naar 145 euro. Deze halvering kwam mede door de keuze voor bestemmingen dichter bij huis, waardoor de reistijd en -afstand verminderde. Het meest opvallende verschil vond plaats bij de horeca-uitgaven: van 110 euro in 2019 naar slechts 6 euro in 2020. Ook de overige uitgaven daalden van 129 euro naar slechts 2 euro. Dit betekent dat de typische Europese vakantieganger in 2020 bijna geen geld meer uitgeven aan restaurants en toeristische activiteiten, en zich volledig richtte op het verblijf zelf.
Deze financiële veranderingen reflecteren een fundamentele aanpassing van het reispatroon. Nederlanders kozen in 2020 voor bestemmingen binnen Europa, waarbij 98 procent van de vakanties plaatsvonden binnen het Europese continent, tegenover 86 procent in 2019. De voorkeur ging uit naar buurlanden zoals Duitsland, waar de afstanden korter waren en de regels minder streng leken te zijn dan bijvoorbeeld in Zuid-Europa. De daling van bestedingen aan horeca en attracties wijst erop dat de vakantieganger zich meer op het verblijf in de accommodatie focuste, mogelijk om te vermijden om op drukke plekken te komen. De kosten voor vervoer daalden aanzienlijk omdat men minder ver reed, wat ook de uitval van lange afstanden naar verre bestemmingen bevestigde.
Tabel 1: Vergelijking van gemiddelde uitgaven per vakantieganger (in euro)
| Uitgavepost | 2020 (binnenland) | 2019 (binnenland) |
|---|---|---|
| Accommodatie | 160 | 120 |
| Vervoer | 17 | 28 |
| Overige uitgaven | 8 | 51 |
| Horeca | 4 | 40 |
Tabel 2: Vergelijking van gemiddelde uitgaven per vakantieganger voor vakanties in het buitenland (in euro)
| Uitgavepost | 2020 (buitenland) | 2019 (buitenland) |
|---|---|---|
| Accommodatie | 364 | 366 |
| Vervoer | 145 | 283 |
| Overige uitgaven | 2 | 129 |
| Horeca | 6 | 110 |
Deze cijfers laten zien dat de Nederlandse vakantieganger in de zomer van 2020 niet alleen hun bestemming verplaatste, maar ook hun bestedingsgedrag volledig aanpaste aan de nieuwe realiteit van sociale afstand en veiligheidsvoorschriften. De keuze voor Duitse bestemmingen en het vermijden van drukke plekken waren strategische beslissingen om aan de regels te voldoen.
Praktische Maatregelen en Basisregels in het Buitenland
Het reizen naar het buitenland in de zomer van 2020 ging gepaard met een strikte naleving van basisregels, die in elk land van toepassing waren. Het kabinet gaf het advies om zich goed voor te bereiden en de regels in het land van bestemming na te lezen. De kern van deze regels betrof de gezondheid en veiligheid. De algemene regels die in alle landen goldén waren: regelmatig de handen wassen, niezen in de elleboog en een afstand van 1,5 meter handhaven. Deze regels waren niet optioneel; ze vormden de basis van het reizen in de nieuwe realiteit.
In Duitsland, een van de meest populaire bestemmingen, gold een specifieke regel over de 1,5 meter afstand, net als in Nederland. Duitsland had aangegeven de grenzen vanaf 15 juni weer te openen voor reizigers uit de EU. Dit betekende dat Nederlandse toeristen welkom waren, mits ze zich aan de regels hielden. Het was echter cruciaal om te weten dat de regels in het land van bestemming soms aangescherpt waren ten opzichte van Nederland. De ANWB Reiswijzer gaf per land specifieke informatie over deze maatregelen voor accommodaties, horeca en bezienswaardigheden. Dit was essentieel, omdat de regels in het buitenland konden afwijken van de Nederlandse situatie.
Het was ook mogelijk om een zomervakantie naar het Caribische deel van het koninkrijk te maken. Dit omvatte de eilanden Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint-Eustatius en Sint-Maarten. Hoewel dit reizen buiten Europa viel, werd dit speciaal uitgesplitst omdat het binnen het Koninkrijk viel en de verwachting was dat het reizen hier naar mogelijk zou worden per 15 juni. Reizen naar andere bestemmingen buiten Europa en buiten het Caribische deel van het Koninkrijk bleef echter afgeraden. De reisadviezen voor deze landen bleven oranje, wat betekende dat men er alleen heen mocht gaan als het echt noodzakelijk was.
De praktische uitvoering van een reis vergde constante waakzaamheid. Reizigers moesten zich zorgen maken over de beschikbaarheid van accommodaties en de toegankelijkheid van bezienswaardigheden. Sommige landen hadden aangescherpte regels, wat kon leiden tot sluiting van attracties of beperkte toegang tot horeca. Het was daarom van groot belang om de website Nederlandwereldwijd.nl en de Reisapp van Buitenlandse Zaken te volgen. Het reisadvies kon tijdens het verblijf veranderen, wat betekende dat een veilige bestemming plots onveilig kon worden. Deze dynamiek vereiste van de reiziger dat ze zich continu informeerden en bereid waren om snel van plan te veranderen als de situatie verslechterde.
De openbaar vervoer bleef beperkt tot noodzakelijk reizen. Dit betekende dat het openbaar vervoer in veel landen, waaronder Frankrijk, nog beperkt was. Het advies was dus om te lopen, te fietsen of de auto te nemen. Wie niet gebonden was aan schoolvakanties, werd geadviseerd om buiten het piekseizoen te reizen om drukte te vermijden. Dit was niet alleen een aanbeveling, maar een noodzaak om de verspreiding van het virus te beperken en de druk op het openbaar vervoer te verminderen.
Strategische Keuze van Bestemmingen en Grensbeleid
De keuze van de bestemming in de zomer van 2020 was een complexe afweging tussen de kleur van het reisadvies en de bereidheid van het land om Nederlandse toeristen toe te laten. Het was niet alleen de kleurcode die het reizen bepaalde, maar ook de daadwerkelijke status van de grenzen. Een land met een geel advies kon zijn grenzen nog altijd gesloten houden voor specifieke nationaliteiten. Dit gold bijvoorbeeld voor Denemarken, dat, hoewel het virus onder controle had, besliste om Nederlandse toeristen tot 31 augustus niet toe te laten.
De situatie voor Frankrijk was op het moment van publicatie nog onzeker. De grenzen waren nog gesloten, en het was nog niet zeker of Frankrijk Nederlandse toeristen zou toelaten. Hetzelfde gold voor Spanje. Hoewel het kabinet van plan was het reisadvies te versoepelen, hing het daadwerkelijke reizen af van de beslissing van de ontvangende landen. Dit creëerde een situatie waarin reizigers constant moesten checken of het land van bestemming open was. De interactieve kaart van covidcontrols.co hielp hierbij door te tonen welke landen in lockdown zaten en hoeveel actuele besmettingen er waren.
De verschuiving naar Duitsland was een direct gevolg van deze onzekerheid en de beperkte mogelijkheden. Omdat Spanje en Frankrijk nog geen formele beslissing hadden genomen over de toelating van Nederlanders, keerde de stroom naar de buurland. Duitsland had aangegeven dat de grenzen vanaf 15 juni open zouden gaan voor EU-reizigers. Dit maakte Duitsland tot een van de veiligste en meest betrouwbare bestemmingen voor de Nederlandse vakantieganger. De keuze voor Duitsland was niet alleen gebaseerd op afstand, maar op de duidelijkheid van het beleid en de controle over het virus.
Het was ook mogelijk om te reizen naar het Caribische deel van het Koninkrijk. Dit was een uitzondering op de regel dat reizen buiten Europa werd afgeraden. De verwachting was dat het reizen naar Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint-Eustatius en Sint-Maarten mogelijk zou worden per 15 juni. Dit was een unieke situatie omdat het binnen het Koninkrijk viel en de regelgeving hier anders was dan voor landen buiten Europa. Reizen naar andere landen buiten Europa bleef echter oranje, wat betekende dat het reizen daar alleen mogelijk was bij noodzakelijk reizen.
De strategische keuze van bestemmingen werd ook beïnvloed door de mogelijkheid om de reisverzekering af te sluiten. Bij een oranje advies was er geen dekking, wat het reizen naar deze landen financieel zeer risicovol maakte. Bij een geel advies was er wel dekking, maar alleen als men zich aan de regels hield. Het was dus cruciaal om het juiste advies te kiezen en de regels na te leven. De ANWB Reiswijzer hielp hierbij door per land specifieke informatie te geven over de regels en maatregelen.
De grensbeleid van landen was een constante bron van onzekerheid. Een land kon zijn grenzen openstellen voor EU-reizigers, maar specifieke landen uitsluiten. Dit was het geval met Denemarken. Het was dus noodzakelijk om de officiële bronnen van het Ministerie van Buitenlandse Zaken te volgen. De situatie kon in een handomdraaien veranderen, wat betekende dat reizigers moesten zijn voorbereid om snel van plan te veranderen. Het was ook mogelijk dat een land zijn grenzen sloot voor specifieke nationaliteiten, wat de bereidheid om te reizen beperkte.
Conclusie
De zomer van 2020 voor Nederlandse reizigers was een periode van radicale aanpassing, waarin het reizen binnen Europa mogelijk werd gemaakt onder strikte voorwaarde van veiligheid en regelgeving. De versoepeling van het reisadvies op 15 juni van oranje naar geel voor 28 landen creëerde de mogelijkheid voor vakanties, mits de gezondheidsrisico's acceptabel waren en de grenzen van het land van bestemming open waren. De keuze voor bestemmingen verschuift duidelijk naar het dichtbijzijnde Europa, met name Duitsland, terwijl landen als het Verenigd Koninkrijk, Zweden en Denemarken buiten de versoepeling bleven vanwege de hoge risico's of weigering van toelating.
De financiële impact was evenzeer merkbaar: de kosten voor accommodatie stegen in het binnenland, maar de uitgaven aan horeca, vervoer en overige activiteiten daalden drastisch. Dit duidt op een verandering in het gedrag van de vakantieganger, die zich meer concentreerde op het verblijf zelf en minder op uitgaandheid. De basisregels van handhygiëne, sociale afstand en het vermijden van drukte vormden de nieuwe norm voor elk land. Het was essentieel om zich continu te informeren via de Reisapp van Buitenlandse Zaken en de ANWB Reiswijzer, omdat de situatie dynamisch was en kon veranderen tijdens het verblijf.
De zomer van 2020 bewees dat reizen mogelijk bleef, maar dat het een actieve en bewuste keuze vereiste van de reiziger. Het succes van een vakantie hing af van de naleving van de regels, de keuze van een veilige bestemming en de bereidheid om zich aan de lokale maatregelen te houden. De versoepeling van het reisadvies was een mijlpaal, maar geen onbeperkte vrijheid; het was een gelijke balans tussen veiligheid en de behoefte aan ontspanning.