Reizen zonder geldig vervoerbewijs is een probleem dat niet alleen fiscaal relevant is, maar ook juridische en maatschappelijke implicaties heeft. In de context van de toekomstige verhoging van boetes en veranderingen in de regelgeving, is het belangrijk voor reizigers en werknemers om te weten wat er gebeurt als men zonder kaartje in het openbaar vervoer reist, en hoe dit beïnvloedt of verwerkt wordt in de aangifte van de inkomstenbelasting.
In dit artikel bespreken we op basis van actuele informatie de boetes die vanaf 1 oktober 2025 gelden, de administratieve verplichtingen van werknemers bij het declareren van openbaarvervoerreiskosten, en de rol van de Belastingdienst in deze context. We geven ook een overzicht van de beschikbare documenten en verklaringen die nodig zijn bij de aangifte van reiskosten. Het doel is om duidelijkheid te verschaffen over een complex maar veelvoorkomend onderwerp in het reis- en fiscaal domein in Nederland.
Boetes voor reizen zonder vervoerbewijs: nieuwe regels vanaf 1 oktober 2025
Vanaf 1 oktober 2025 stijgt de boete voor reizen zonder geldig vervoerbewijs in het openbaar vervoer van €50 naar €70. Dit besluit is genomen door het kabinet en is bedoeld om het aantal ongeautoriseerde reizigers te verminderen en de naleving van regels te bevorderen. Ook de administratiekosten stijgen: als een boete niet binnen 14 dagen betaald wordt, worden deze kosten verhoogd van €15 naar €20.
Deze verhoging is gelijk aan de gemiddelde stijging van tarieven voor openbaar vervoer in recente jaren. Het is een maatregel om het gebruik van het openbaar vervoer zonder kaartje tegen te gaan en om reizigers te motiveren om hun vervoerbewijs correct en tijdig te betalen. OV-NL, verantwoordelijk voor de naleving van OV-regels, zegt dat deze verhoging rechtvaardiger is voor de reizigers die wél hun kaartje betalen.
De boete is van toepassing op alle vormen van openbaar vervoer, inclusief bus, tram, metro en trein. Wanneer een reiziger bij een controle geen geldig vervoerbewijs kan tonen, moet hij of zij niet alleen de boete van €70 betalen, maar ook de verschuldigde ritprijs.
Toename in boetes en het probleem van onveiligheid
Het aantal boetes voor zonder kaartje reizen is in de afgelopen jaren aanzienlijk toegenomen. In 2022 werden 180.949 boetes opgelegd, in 2024 al 353.063. In 2025 verwacht men dit aantal nog verder te stijgen tot ongeveer 400.000. Dit is een duidelijke trend die wijst op het toenemende probleem van ongeoorloofde reizen in het openbaar vervoer.
Demissionair staatssecretaris Thierry Aartsen benadrukt dat de toegenomen aandacht voor dit probleem niet alleen gericht is op het voorkomen van kaartje-sparren, maar ook op het aanpakken van overlast en onveiligheid. Zwartrijders, aldus Aartsen, zijn vaak ook verantwoordelijk voor andere problemen in treinen, bussen en trams, zoals het trappen van rotzooi, het plegen van geweld of het veroorzaken van een gevoel van onveiligheid bij andere reizigers en medewerkers.
Deze maatregel is dus niet alleen gericht op het financiële aspect, maar ook op het verbeteren van de reisomstandigheden voor iedereen in het openbaar vervoer.
OV-chipkaart en reiskostenvergoeding: administratieve vereisten
Voor werknemers die hun reiskosten via het openbaar vervoer aan de Belastingdienst willen declareren, zijn er specifieke administratieve vereisten. Deze verplichtingen zijn afhankelijk van het type vervoerbewijs dat wordt gebruikt.
Als een werknemer bijvoorbeeld een OV-chipkaart heeft met een maand- of jaarabonnement, zijn de gegevens van deze reisactiviteit automatisch doorgegeven aan de Belastingdienst. Dit geldt voor zowel particuliere als zakelijke reizigers. In dat geval is het niet nodig om een aparte OV-verklaring aan te vragen. Echter, als een reiziger losse vervoerbewijzen gebruikt of een anonieme OV-chipkaart, dan moet hij of zij een OV-verklaring of reisverklaring aanvragen bij de betreffende vervoersmaatschappij of bij de werkgever.
Deze verklaring is nodig om aan te tonen dat men daadwerkelijk heeft gereisd en om eventuele reiskosten te kunnen declareren. Het is belangrijk om deze documenten tijdig aan te vragen, omdat de NS en andere vervoersmaatschappijen reisgegevens slechts 18 maanden opslaan. Als een reiziger deze gegevens niet tijdig downloadt, kan hij of zij het risico lopen dat de Belastingdienst geen reisaftrek toekent.
Vrij-reizen jaarabonnementhouders en automatische doorgeving
Voor vrij-reizen jaarabonnementhouders is er een specifieke regeling. Deze reizigers hoeven geen OV-verklaring aan te vragen, omdat hun gegevens automatisch doorgegeven worden aan de Belastingdienst. Dit geldt echter alleen voor werknemers die hun OV-abonnement voor zakelijke reizen gebruiken. De NAW-gegevens van deze reizigers worden bij het aanvragen van het jaarabonnement verzameld, waardoor de doorgeving aan de Belastingdienst mogelijk is.
Werknemers die bijvoorbeeld een maandabonnement of kortingskaart gebruiken, krijgen hun gegevens niet automatisch doorgegeven. In dergelijke gevallen is het noodzakelijk om een OV-verklaring aan te vragen, of anderszins de Belastingdienst riskeert om de reiskosten niet te erkennen.
Zakelijke versus privéreizen: fiscaal verschil
De Belastingdienst maakt een onderscheid tussen privéreizen en zakelijke reizen. Privéreizen zijn reizen vanaf huis naar werk en vice versa. Deze reizen worden in de regel niet volledig aftrekbaar, omdat de Belastingdienst deze ziet als een persoonlijke keuze over wonen en werken. Er zijn echter uitzonderingen mogelijk, zoals bij tijdelijke werklocaties of bijzondere omstandigheden.
Zakelijke reizen daarentegen zijn volledig aftrekbaar. Dit zijn reizen die gemaakt worden vanwege zakelijke noodzaak, buiten het normale woon-werkverkeer. Een voorbeeld is een reis vanuit huis direct naar een klant, zonder eerst naar het kantoor te gaan. In dergelijke gevallen mag de reiziger de volledige afstand als zakelijke kilometers declareren.
Om de reiskosten correct aan te tonen, heeft een werknemer originele bonnetjes en facturen nodig. Deze documenten zijn vereist om aan te bewijzen dat de reis daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en dat de kosten werkelijk zijn gemaakt. Zonder deze bewijsstukken kan de Belastingdienst de reiskosten afkeuren.
OV-chipkaartgebruik en declaratieoverzichten
Een declaratieoverzicht van reiskosten kan gemaakt worden via het 'Mijn OV-chip' account op de website van ov-chipkaart.nl. Hierdoor heeft een reiziger toegang tot zijn of haar reishistorie, tot 18 maanden teruggaand. Deze functie is vooral handig voor werknemers die hun reiskosten via het openbaar vervoer willen declareren.
Het aanmaken van een declaratieoverzicht is eenvoudig. Eerst maakt men een account aan, waarna men de reisgegevens direct kan inzien. Als een OV-chipkaart al verlopen is, maar minder dan een jaar geleden, blijft het declaratieoverzicht beschikbaar. Voor anonieme OV-chipkaarten is het mogelijk om een reisverklaring aan te vragen bij de werkgever, aangezien de NS en andere maatschappijen geen gegevens van anonieme reizigers doorgeven.
Het is belangrijk om te weten dat een OV-chipkaart niet altijd automatisch leidt tot een reisaftrek. Als bijvoorbeeld geen OV-verklaring of reisverklaring wordt aangevraagd, of als de benodigde bewijsstukken ontbreken, kan de Belastingdienst de reiskosten afkeuren.
Belastingplan 2024 en gerichte vrijstelling voor OV-kaarten
Het Belastingplan 2024 bevat veranderingen in de regeling rondom OV-kaarten. Deze veranderingen zijn gericht op het verminderen van de administratieve lasten voor werknemers, met name in verband met het hybride werken. Het plan beoogt het onderscheid tussen het ter beschikking stellen van een OV-kaart en het vergoeden of verstreken van deze kaart af te schaffen.
Hierdoor is het nu mogelijk om OV-kaarten, die ook voor zakelijke reizen gebruikt worden, onder bepaalde voorwaarden vrijgesteld te zien. Dit betreft zowel OV-abonnementen als voordeelurenkaarten. Het doel is om het privégebruik van OV-kaarten, die door werkgevers vergoed of verstrekt worden, onder bepaalde voorwaarden te vrijstellen.
Bij de huidige regeling is er nog enig onduidelijkheid over de toepassing van deze vrijstelling. Daarom wordt overwogen om de tekst van de regeling aan te passen. Bovendien wordt het onderscheid tussen reizen met Nederlands openbaar vervoer en ander openbaar vervoer afgeschaft, omdat er geen duidelijke reden is voor dit onderscheid.
Conclusie
Het reizen zonder vervoerbewijs is niet alleen een juridisch probleem, maar ook een fiscaal relevant onderwerp. De verhoging van boetes per 1 oktober 2025 en de veranderingen in de regelingen rondom OV-kaarten en reiskostendeclaratie tonen aan dat de regering en de Belastingdienst deze kwestie serieus nemen.
Voor werknemers die hun reiskosten aan de Belastingdienst willen declareren, zijn er specifieke administratieve vereisten. Het is belangrijk om te weten welk vervoerbewijs wordt gebruikt, of er automatische doorgeving naar de Belastingdienst plaatsvindt, en welke documenten nodig zijn voor een correcte aangifte.
Het onderscheid tussen privéreizen en zakelijke reizen is eveneens belangrijk voor de fiscale aangifte. Werknemers die hun reiskosten willen declareren, moeten ervoor zorgen dat ze de juiste bewijsstukken en verklaringen in handen hebben.
De toekomstige veranderingen in het Belastingplan 2024 en gerichte vrijstellingen voor OV-kaarten tonen aan dat er voortdurend aandacht is voor de administratieve lasten van werknemers. Het is aan de reizigers en werknemers om zich te informeren en de regels en voorschriften goed te begrijpen.
Bronnen
- OV-NL: Verhoging boete bij reizen zonder geldig vervoerbewijs per 1 oktober 2025
- Mobiliteit.nl: Vanaf 1 oktober hogere boetes voor reizen zonder vervoersbewijs
- RET.nl: OV-verklaring voor de Belastingdienst
- Breng.nl: OV-verklaring en abonnementen
- SmartBusinessTravel.nl: Reiskosten declareren bij de Belastingdienst
- Belastingdienst.nl: Openbaarvervoerverklaring
- Rijksfinancien.nl: Belastingplan 2024 en OV-kaarten