In de afgelopen jaren zijn er verschillende incidenten gebeurd op kartbanen in Nederland die aandacht hebben getrokken vanwege de ernst van de verwondingen en het ontbreken van duidelijke veiligheidsmaatregelen. Deze gebeurtenissen hebben geleid tot strafrechtelijke onderzoeken en discussies over de rol van de betrokken partijen, waaronder attractieparken, uitbaters en toezichthoudende instanties. Het is duidelijk dat zowel de schadebeperking voor de slachtoffers als de preventie van toekomstige ongevallen centraal staan in de huidige gesprekken over veiligheid op kartbanen. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de meest relevante incidenten en de daaruit voortgekomen conclusies, aangevuld met informatie over de juridische en regulatoire kaders die momenteel gelden.
Incidenten en de omstandigheden
Meerdere incidenten op kartbanen in Nederland hebben geleid tot ernstige verwondingen van jongeren. In mei 2018 vond een tragisch ongeval plaats in een attractiepark in Biddinghuizen. Een jonge vrouw raakte gewond toen haar haar verstrikt raakte in een draaiend onderdeel van een kart. Uit het onderzoek van het Openbaar Ministerie (OM) bleek dat het attractiepark tekortschoot in het geven van instructies aan het slachtoffer en in het onderhoud van de kart. Het OM heeft sindsdien een strafrechtelijk onderzoek gestart om te achterhalen of er sprake was van verwaarlozing of onvoldoende maatregelen.
Opnieuw raakte een 13-jarig meisje zwaargewond toen haar haar verstrikt raakte in een kart. Ook dit incident gebeurde in een attractiepark dat onder het toezicht staat van de NVWA (Nederlandse Vereniging voor Wettelijk Toezicht). De uitbater van het attractiepark werd daardoor aanspreekbaar gesteld. Het OM heeft in dit geval ook een strafrechtelijk onderzoek ingesteld en wilde laten zien dat het belangrijk is om veiligheidsmaatregelen en instructies serieus te nemen. Het OM benadrukte dat de uitbater verantwoordelijk is voor de veiligheid van de bezoekers en dat ongevallen voorkomen kunnen worden bij betere instructies en onderhoud.
Een ander incident vond plaats in Poeldijk bij Van der Ende Racing. Hier raakte een 16-jarig meisje gewond doordat haar hoofddoek bekneld raakte in het mechanisme van een kart. Ook hier was sprake van een schooluitje. Het incident gebeurde rond 16:30 uur, en meerdere hulpdiensten werden opgeroepen, waaronder een traumahelikopter. De eigenaar gaf aan dat het slachtoffer aanspreekbaar was bij aankomst in het ziekenhuis, maar de exacte ernst van haar verwondingen was op dat moment nog niet duidelijk. De hulpdiensten hebben onderzoek ingesteld naar de oorzaak van het ongeval.
In totaal zijn er meerdere gevallen geweest waarin jongeren zijn gewond geraakt bij het karten. In veel gevallen gaat het om verstrikt raken van haar of kleding in draaiende delen van een kart, wat ernstige verwondingen kan veroorzaken. Deze gevallen wijzen op het feit dat de veiligheid op kartbanen niet altijd voldoende is en dat er verbeteringen nodig zijn in instructies, toezicht en onderhoud.
Juridische en regulatoire kaders
Het OM heeft in de afgelopen jaren verschillende strafrechtelijke onderzoeken gestart naar incidenten op kartbanen. Deze onderzoeken zijn een reactie op het feit dat bezoekers gewond zijn geraakt door ongevallen die vermeidbaar waren. Het OM benadrukt dat het niet alleen om een specifiek incident gaat, maar ook om een breder thema: het ontbreken van toezicht op kartbanen buiten attractieparken. De NVWA houdt toezicht op attracties en speeltoestellen, maar kartbanen die geen onderdeel uitmaken van een attractiepark vallen wettelijk buiten dat toezicht. Hierdoor is het niet duidelijk wie verantwoordelijk is voor veiligheid, instructies of inspecties.
De NVWA kan wel hulp verlenen bij strafrechtelijke onderzoeken, maar het is niet de standaardprocedure dat ze op alle kartbanen toezicht houden. Dit heeft geleid tot kritiek van onder andere gemeenten en de autosportbond, die verkiezen dat kartbanen onder regelmatige keuring vallen. Momenteel is het aan de uitbater om ervoor te zorgen dat instructies zijn gegeven en dat de kart veilig is. Dit brengt echter ook het risico met zich mee dat sommige uitbaters niet voldoen aan de verwachtingen.
Het OM benadrukt in haar eisen dat strafrechtelijke acties niet alleen gericht zijn op het vervolgen van een specifieke uitbater, maar ook om signalen af te geven aan de rest van de branche. Het doel is om maatregelen te nemen die ervoor zorgen dat dergelijke incidenten in de toekomst verminderen. Het OM benadrukt dat het niet om financiële straffen gaat, maar om verantwoordelijkheid, preventie en het verbeteren van de veiligheid voor toekomstige bezoekers.
Verantwoordelijkheid van uitbaters
In de meeste gevallen is de uitbater van een kartbaan de verantwoordelijke partij wanneer het gaat om veiligheid. Het OM benadrukt in meerdere eisen dat dit een essentiële verantwoordelijkheid is. De uitbater is verplicht ervoor te zorgen dat instructies zijn gegeven, dat het kart goed is onderhouden en dat er geen gevaarlijke situaties kunnen ontstaan. In de gevallen van Biddinghuizen en Poeldijk bleek dat instructies tekortschoten en dat het kart niet volledig veilig was.
De officier van justitie benadrukte dat het niet het doel was om het attractiepark financieel zwaarder te maken, maar om duidelijk te maken dat er verantwoordelijkheid is en dat het belangrijk is om veiligheidsmaatregelen serieus te nemen. De eisen van het OM zijn bedoeld om tot uiting te brengen dat een uitbater anders had moeten handelen en om anderen in de branche een signaal te geven dat dergelijke incidenten voorkomen kunnen worden bij betere instructies en onderhoud.
Het OM benadrukte ook dat het niet alleen om het vervolgen van een specifieke uitbater gaat, maar om een bredere boodschap: dat veiligheid op kartbanen belangrijk is en dat er maatregelen nodig zijn om ongevallen te voorkomen. De eisen zijn ook bedoeld om anderen in de branche te motiveren om te kijken naar hun eigen veiligheidsmaatregelen en te verbeteren waar nodig is.
Conclusie
De incidenten op kartbanen in Nederland hebben duidelijk gemaakt dat veiligheid en verantwoordelijkheid centraal staan in het huidige gesprek. In de afgelopen jaren zijn meerdere jongeren gewond geraakt door verstrikt raken van haar of kleding in draaiende delen van een kart. Deze incidenten hebben geleid tot strafrechtelijke onderzoeken en discussies over het ontbreken van toezicht op kartbanen buiten attractieparken. De NVWA houdt toezicht op attracties, maar kartbanen vallen wettelijk vaak buiten dat toezicht. Hierdoor is het niet altijd duidelijk wie verantwoordelijk is voor veiligheid, instructies of inspecties.
De uitbater van een kartbaan draagt de verantwoordelijkheid voor veiligheid, instructies en onderhoud. Het OM benadrukt dat het niet het doel is om uitbaters financieel zwaarder te maken, maar om duidelijk te maken dat er verantwoordelijkheid is en dat er verbeteringen nodig zijn. De eisen van het OM zijn bedoeld om tot uiting te brengen dat een uitbater anders had moeten handelen en om anderen in de branche een signaal te geven dat dergelijke incidenten voorkomen kunnen worden bij betere instructies en onderhoud.
Het is duidelijk dat veiligheid op kartbanen belangrijk is en dat er maatregelen nodig zijn om ongevallen te voorkomen. Het OM benadrukt dat het niet alleen om een specifiek incident gaat, maar om een bredere boodschap: dat veiligheid serieus genomen moet worden en dat er verbeteringen nodig zijn in instructies, toezicht en onderhoud.
Bronnen
- Openbaar Ministerie: strafeis voor tragisch kartongeval door onvoldoende instructie en onderhoud
- RTL Nieuws: strafrechtelijk onderzoek naar mogelijke fouten bij kartongevallen
- OMRoep West: ongeluk op kartbaan, slachtoffer komt met hoofddoek vast te zitten
- 1Nieuws: tiener gewond nadat hoofddoek vastkomt in kart bij uitje